Hebben corporate governance, duurzaamheid en Kennedy iets met elkaar te maken?

July 16, 2007


Een tijdje terug had ik een gedachtewisseling met iemand uit de duurzaamheidshoek die zich niet bewust was van de link tussen corporate governance en duurzaamheid. Al vaker hebben wij betoogd dat het een achterhaalde veronderstelling is dat de wereld van de kapitaalverschaffers een andere is dan die van de overige belanghebbenden van de onderneming. Maar zelfs in duurzaamheidsland wordt de implicatie van deze stelling vaak maar matig doorzien. Daar wordt gedacht in termen van biologische ketens, mensenrechten, of CO2. De link met de wereld van de bestuurskamer ziet men niet zo direct. RvB-leden, commissarissen en aandeelhouders hebben een veel lagere “aaibaarheidsfactor”.
De uitspraak van de Hoge Raad (HR) over het recht van ABN AMRO om LaSalle bank te verkopen zonder voorafgaande raadpleging van de aandeelhouders, is een mooie kapstok om nog eens te wijzen op de link tussen corporate governance en duurzaamheid.
De HR heeft bepaald dat bestuurders besturen, commissarissen toezicht houden en dat er verantwoording wordt afgelegd over het gevoerde beleid aan de aandeelhouders. De HR bevestigt ook dat het bestuur zich moet richten naar de belangen van àlle betrokken partijen. De belangen van aandeelhouders, werknemers en anderen moeten dus tegen elkaar worden afgewogen. De “enkele omstandigheid van het belang van de aandeelhouders om hun aandelen voor een zo hoog mogelijke prijs te verkopen” leidt niet tot meer bevoegdheden voor aandeelhouders.
Dit is volstrekt in lijn met wat wij eerder al hebben betoogd. Aandeelhouderswaarde is een belangrijke richtsnoer voor het succes en de continuïteit van een onderneming. Het is echter niet een één-dimensionale maatstaf. Bovendien moet een bedrijf om aandeelhouderswaarde te kunnen creëren het vertrouwen hebben van directe belanghebbenden (aandeelhouders, maar óók personeel, klanten, leveranciers, overheid) en er voortdurend aan werken ook in een bredere context de reputatie te versterken. Dit is toch ook waar duurzaamheid overgaat? Een duurzame strategie vereist een bredere blik en een besef dat lange termijn aandeelhouderswaarde alleen kan worden gerealiseerd door de belangen van alle betrokkenen af te wegen.
Dit mag echter geen excuus worden voor inertie en de beschermingswal van een “old boys network” dat elkaar de bal toespeelt en de eigen kring uit de wind houdt (of elkaar met extreme bonussen “in the money” brengt). Dat leidt namelijk zeker niet tot duurzaamheid; het scherpe debat en afweging van dilemma’s dient in de openbaarheid plaatst te vinden. Het wordt dus de hoogste tijd dat de arena’s van de kapitaalverschaffers en overige belanghebbenden ook in de praktijk daadwerkelijk in elkaar worden geschoven. De financiële sector, in het bijzonder analisten, zouden hier een belangrijke rol moeten spelen door het kalibreren van hun huidige instrumenten. Verandering hangt in de lucht, maar van waar komt de doorbraak? Wij dragen er graag aan bij. Een ding weten we zeker, er is geen plaats voor conformiteit. Mooier dan John F Kennedy kunnen wij het niet zeggen: “ Conformity is the jailer of freedom and the enemy of growth”.


Share this article with :
share share share

Comments on this blog



There are no comments on this blog

Your comment



Name * :
E-mail :
Show my e-mail on the website
Message * :